
Om docenten meer te belichten en studenten kennis te laten maken met de persoon achter de docent, plaatsen wij elke drie maanden de rubriek: Docent van het seizoen. In deze rubriek wordt een docent geïnterviewd door de Commissarissen Onderwijs. In deze editie spraken we Patricia Kalkman, kinderarts in het Erasmus MC, werkzaam binnen het Sophia Kinderziekenhuis op het kinderthoraxcentrum. Naast haar klinische werk is zij intensief betrokken bij het onderwijs, onder andere als lid van de examencommissie, als disciplinecoördinator voor de master Kindergeneeskunde en als lijncoördinator voor de kindergeneeskunde in het curriculum EA2030.
“Allereerst, kan je jezelf kort voorstellen?”
“Ik ben Patricia Kalkman. Ik ben kinderarts in het Sophia Kinderziekenhuis op het kinderthoraxcentrum, dat is een afdeling waar kinderen behandeld worden met (meestal aangeboren) afwijkingen aan de organen in de thorax, dus dat kan een hartafwijking zijn, een ernstige longafwijking, maar ook kinderen met een slokdarmatresie. Het is een afdeling met academische, multidisciplinaire zorg. Daarnaast ben ik bij het onderwijs betrokken door onder andere mijn functie bij de examencommissie. Ik ben momenteel ook disciplinecoördinator voor de regio voor de master kindergeneeskunde en lijncoördinator kindergeneeskunde voor EA2030 en ik heb dus ook een rol mogen spelen in een deel van de ontwikkelingen van ook het bachelor Erasmusarts 2030 programma, en ik zal dat gaan doen voor de master.”
“Hoe ben je in het onderwijs terechtgekomen?”
“Vanuit mijn opleiding tot kinderarts is dat eigenlijk op een natuurlijke manier gegroeid. Ik was heel snel de arts-assistent die de begeleiding van bepaalde coassistenten op zich nam, als daar bijvoorbeeld eerder uitdagingen lagen in hun leertraject. Daarvoor had ik eigenlijk nooit over onderwijs als carrièrekeuze nagedacht. Die keuze was ook in de tijd dat ik opgeleid werd misschien minder zichtbaar. Terwijl ik achteraf wel duidelijk de meerwaarde van de docenten zie die ik in die tijd heb gehad en die ik als rolmodel heb ervaren. Op een gegeven moment liep mijn eigen opleiding tot kinderarts ten einde en kreeg ik de gelegenheid om hier in het academisch ziekenhuis te blijven werken. Toen er in 2009 een coördinatorplek vrij kwam voor het bachelor blok 3A2 ben ik officieel in het onderwijs ingestroomd. Al snel volgde toen deelname in de opleidingscommissie waar Bob Sietse toen voorzitter van was. Beide functies heb ik uiteindelijk met heel veel plezier voor hele lange tijd uitgevoerd. Eerst het werk van de opleidingscommissie gedurende 13 jaar, waarna de examencommissie in zicht kwam. Dus de liefde voor onderwijs heb ik wel hier op het Erasmus MC gevonden.”
Dus de liefde voor onderwijs heb ik wel hier op het Erasmus MC gevonden.
“Hoe kijk je terug op je studententijd?”
“Ik kom totaal niet uit een doktersgezin. Ik had ook geen directe familieleden die op de universiteit hadden gestudeerd. Het was echt een onbekende wereld. Voor mij, maar ook voor de hele familie. Een heel belangrijk aspect was ook zo snel mogelijk die studie halen in het kader van de kosten die er allemaal aan vast zaten. Dus ik was een heel gedreven iemand om ook de eindstreep te halen en ik heb die eindstreep snel en redelijk probleemloos gehaald. Uiteindelijk heb ik mijn coschappen cum laude mogen afronden. Maar ik denk wel dat ik in een sneltrein zat en ik heb niet zoveel door “het raampje” naar buiten gekeken. Ik denk en hoop dat als je nu je coschappen loopt dat je wat meer mogelijkheden hebt om ook de ander te observeren en om je heen te kijken. Wat zijn de kwaliteiten van verschillende dokters? Wat wil ik meenemen voor mijn eigen leven? Dat heb ik gewoon niet zoveel gedaan. Maar ik klaag daar absoluut niet over, want daarna is het best wel flitsend gegaan. Ik heb uiteindelijk mijn oudste coschap hier in het Sophia gelopen en eigenlijk vanuit het oudste coschap ben ik heel erg tegen de standaard in, vrijwel direct in de opleiding aangenomen. Dus dat was wel bijzonder. Maar ik heb dus niet zoveel tijd genomen, om echt “te bedenken” wat mijn toekomstpad was.”
“Maar ik denk wel dat ik in een sneltrein zat en ik heb niet zoveel door het raampje gekeken.”
“Je hebt ook in Rotterdam gestudeerd, hoe was dat?”
“Ik heb genoten. Ik moest er laatst over nadenken en ik herinner het me nog heel goed. Het was voor mij een hele sociale tijd. Ik heb er warme herinneringen aan. Ik was een hele trouwe collegeganger en ik weet wat mensen zeggen over het rendement van colleges, ik weet niet of het voor iedereen op die manier voelt in de collegezaal, want ik heb in ieder geval een heel groot gedeelte van mijn inspiratie daar gevonden. Ik heb hele mooie colleges mogen ontvangen van mensen die ontzettend veel betekend hebben op het wereldtoneel van de geneeskunde. Ik denk dat dat voor mij heel inspirerend is geweest. Dit heb ik ook echt als een voorrecht ervaren. Dat je dus die mensen gewoon op vraagafstand had zitten. Niet dat ik ooit iets durfde te vragen, maar ze waren er wel. Ik denk ook dat ieder onderwijssysteem voor en nadelen heeft voor verschillende mensen. Verder kwam ik graag op de faculteit omdat het ook echt een sociale omgeving was. Het was een hele andere tijd, maar ook voor mij is het een hele mooie sociale samenhangtijd geweest. Ik zie nog steeds mensen die ik in die tijd heb leren kennen en dat vind ik heel tof.“
“Wat deed je naast de studie geneeskunde allemaal nog meer?”
"Ik was natuurlijk lid van de faculteitsvereniging, de MFVR. Ik heb alle oude almanakken nog liggen. Echt een nostalgische nerd ben ik. Daarnaast speel ik al vanaf jongs af fanatiek viool. Dus ik had een vast orkest, en een kwartet waar ik speelde en vioolspelen is wel een belangrijk onderdeel van mijn leven. Tot en met mijn studietijd heb ik drie keer per week aan ballet gedaan. Ik was eigenlijk altijd wel bezig. Daarnaast had ik natuurlijk gewoon een normale bijbaan en vanaf mijn tweede jaar ook een studentenbaan op vier noord Interne Geneeskunde."
“Wanneer ben je erachter gekomen dat je kinderarts wilde worden?”
“Gek genoeg weet ik dat niet precies, het lijkt wel alsof het altijd in m’n systeem heeft gezeten. Ik denk wel dat je de uiteindelijke keuzes voor een groot deel kan rationaliseren, maar dat het gevoel het belangrijkst is: hoe je als persoon in elkaar steekt en waar je voorliefdes liggen. Ik word eigenlijk intrinsiek altijd heel blij als ik kinderen zie. Ik vind het nu, als je het rationaliseert, een van de mooiste vakken omdat kinderen heel puur zijn, er is ziek en spelen. Er is dus in een groot deel van het kinderleven weinig “ziektegedrag”. Omdat als ze zich beter voelen een hele primaire behoefte bovenkomt om meer van de wereld te leren. Dat is heel mooi. Ik vind het eigenlijk de meest pure vorm van geneeskunde. Ze zijn heel veerkrachtig. Binnen het Sophia werken wij ook met het samenzorgconcept waar wordt gewerkt als één team samen met de ouders van je patiënt. Ik vind dit een mooie manier van samenwerken en het levert heel veel op voor alle leden van het team, niet alleen voor ouders en de patiënt, maar zeker ook heel veel voor de zorgverleners. Ik hoop vooral dat het nog meer een doorstroom gaat hebben in de volwassen geneeskunde. Dat de patiënt ook echt onderdeel van zijn eigen zorgteam is, omdat niemand meer verstand heeft van zichzelf dan de patiënt zelf en de familie om de patiënt heen. Maar goed, dat is iets waar ik mede vanuit een persoonlijke ervaring heel sterk een gevoel voor heb. Al met al zijn er dus heel veel mooie kanten aan de kindergeneeskunde, de veerkracht, de samenwerking, de manier waarop ze patiënt zijn."
“Wat vind je het leukst aan docent zijn? “
“Voor mij geldt wel dat interactie een van de leukste onderdelen is. Het klinkt altijd een beetje naïef, maar ik ben verliefd op mijn vak, niet alleen m’n vak als medisch specialist, maar ook als docent. Het mooiste vind ik dat je elkaar kan inspireren om het beste uit jezelf te halen. Dus als ik zo met jullie praat dan besef ik ook weer hoeveel geluk ik heb dat ik dit allemaal kan en mag doen, en stiekem hoop je dan ook weer dat je misschien ook de studenten kan inspireren. Ik geloof dus wel in het feit dat je wel voor de volle honderd procent moet leven, want het is maar één keer. Ik kijk elk jaar heel kritisch in de agenda: ‘word ik nog blij van alles wat ik doe’. Zolang het antwoord ja is, dan blijf ik dat doen.”
Ik kijk elk jaar heel kritisch in de agenda: ‘word ik nog blij van alles wat ik doe’. Zolang het antwoord ja is, dan blijf ik dat doen.
“Ik denk dat de interactie tussen student en docent de beste manier is van het doorgeven van wat belangrijk is. Het geldt voor mij als het mooiste vak van de wereld, waarin je een enorm vertrouwen krijgt van de patiënt. Ik herinner me de belangrijke woorden van een inspirerende kinderarts en docent toen hij het Erasmus MC verliet en mensen hem vroegen of hij niet enorm gemist zou gaan worden. Zijn antwoord was: ‘als ik mijn werk goed gedaan heb, zal niemand mij hoeven missen’. Ik denk dat dat het mooiste antwoord van een opleider is. Het inspireert mij enorm om met jonge, enthousiaste mensen te praten, eigenlijk over alles wat hen drijft. Ik vind dat bijvoorbeeld ook altijd heel leuk op de student-docent dagen. Inspiratie is wel een woord wat mij drijft.”
“Ik denk dat de interactie tussen student en docent de beste manier is van het doorgeven van wat belangrijk is.”
“Hoe ziet je leven buiten het ziekenhuis eruit?”
“Wat wil je allemaal horen? Ik ben best een bezige bij. Zoals al gezegd speel ik dus met een redelijk fanatisme viool. Dus dat is echt een groot onderdeel van mijn vrije tijd. Wekelijks speel ik in een vast orkest. Soms val ik in bij andere projecten of speel ik met een kwartet of kwintet. Ook ben ik dol op fotograferen tijdens mooie reizen. Er zijn zoveel prachtige plekken op deze wereld. En sommige plekken zijn magisch. Ik ben vorig jaar met mijn vriend naar Oeganda geweest. Dat was echt een life-changing ervaring, waarbij we twee dagen met gorilla’s hebben mogen doorbrengen. Dat was echt, echt, echt heel bijzonder. Ik hou enorm van de wereld leren kennen. Dat kan heel kleinschalig zijn, maar het kan dus ook heel groot zijn door mooie reizen maken. Ik denk dat als ik iets kan aanraden, is dat als je de gelegenheid hebt, ga dan de wereld in. Leer andere mensen kennen."
“Ik denk dat als ik iets kan aanraden, is dat als je de gelegenheid hebt, ga dan de wereld in.”
“Wat zou jij studenten willen meegeven?”
“Durf wel uit het raampje te kijken, luister naar je gevoel en kijk naar je toekomst. Ik denk dat dat het belangrijkste is. Mijn grootste angst in de huidige tijd is dat er geen ruimte meer is om de liefde voor een vak te vinden. Er worden zoveel alarmsignalen naar jonge mensen uitgezonden, over het bewaren van een balans en voorkomen van ongewenste werkervaring, dat ik bang ben dat het soms ook een beetje in de weg kan gaan zitten van naïef genieten en het ervaren van het vak. En natuurlijk is onze energiebalans super belangrijk en ook het hebben van een veilige werkomgeving waarin je jezelf kan zijn, maar nu lijkt soms de waarschuwing vooraf misschien wel remmend te werken in de ervaring. Ik heb het voorrecht gehad dat ik wel een periode lekker naïef heb mogen genieten. Ik gun jullie eigenlijk dat je even mag onderdompelen, omdat je dan ook mag voelen wat het is om echt die dokter voor die patiënt te zijn, en echt het vertrouwen te krijgen. Voor mij is dat een heel mooi gevoel."
“Ik heb het voorrecht gehad dat ik wel een periode lekker naïef heb mogen genieten.”
“Voor mij is de term energiebalans meer passend dan werk-privé balans. Dat komt mede door het feit dat ik hier op mijn werk ook energie krijg en dat soms ook privé-dingen veel energie kunnen kosten. De belangrijkste vraag om balans te behouden is waar je je energie uit haalt. Ik hoop gewoon dat iedereen in zijn coschappen open staat voor de ervaring. Je moet vooral met je hart kiezen en minder met je hoofd. Kijk uit het raampje en zet je hart open. Dat is een beetje denk ik wat ik iedereen gun, want dan vliegt de tijd echt voorbij. Het is zo ruim meer dan 25 jaar geleden dat ik in het eerste jaar geneeskunde zat. Dat is echt zo bizar als je erover nadenkt, want ik weet zelfs m’n plekje in de collegezaal nog. Zo lang geleden en zo scherp. Dat is heel bizar.”
“Kijk uit het raampje en zet je hart open.”
